Het kofferverhaal van Wim
Van Nederlands-Indië naar Nederland in 1932
Samen brachten Wim en zijn vrouw Elisabeth de smaken uit Indonesië naar Nederland. Hun gerechten groeiden uit tot een groot succes.
Wim Millenaar woonde zevenentwintig jaar in Nederlands-Indië, waar hij verliefd werd op een Javaanse vrouw: Elisabeth. Samen kregen ze zeven kinderen. Begin jaren dertig besloten ze naar Nederland te verhuizen. Voor hem was het een remigratie, voor Elisabeth en de kinderen een emigratie. Ze vertrokken per schip vanuit Noord-Jakarta.
Eenmaal in Nederland begonnen Elisabeth en hij een zaakje met de naam Slamat. Dat betekent ‘geluk’ in het Indonesisch. Ze verkochten Indische gerechten. Zo ontdekten de oprichters van Conimex hen en maakten ze kennis met de Indische keuken.
Het eerste product dat ze samen met Conimex op de markt brachten, was Sambal Oelek. Het werd een groot succes. Toch bleven ze lange tijd een relatief klein bedrijf. Ze werkten vanuit de achtertuin van een van de oprichters. Daar maakten ze ook nasi en bami uit blik.
Dankzij Elisabeth en haar familierecepten maakte heel Nederland kennis met sambal, ketjap, kroepoek, nasi en nog veel meer.


Voor Fenix illustreerde kunstenaar Kazuma Eekman een selectie kofferverhalen. De illustraties zijn zijn persoonlijke interpretatie van de verhalen en geven daarom niet letterlijk weer hoe de situaties of voorwerpen er in werkelijkheid uitzagen.
Het Kofferdoolhof
Dit verhaal is te beluisteren in Het Kofferdoolhof. Hier ontdek je verhalen over vertrek, aankomst en de levens die ooit in deze bescheiden koffers werden meegevoerd. Kom meer te weten over Het Kofferdoolhof.